Jaarverslag 2025

Op deze pagina lees je alles over de werking van CGG Ahasverus in het jaar 2025.

—> Spring via het menu rechts naar een bepaald deel als je daarover meer wil weten.

—> Of download hier een korte infosheet met de belangrijkste highlights.

CGG = preventie, psychotherapeutisch zorg én ondersteuning

Dit is mijn tweede voorwoord sinds mijn terugkeer naar onze organisatie en opnieuw schrijf ik dit vanuit een gevoel van oprechte trots en dankbaarheid. Trots op wat we samen gerealiseerd hebben en dankbaar voor het vertrouwen, de inzet en het engagement dat ik elke dag opnieuw bij onze medewerkers mag ervaren.

Het voorbije jaar heeft onze organisatie vooral blijk gegeven van een sterke samenhorigheid. In een context die blijft veranderen hebben medewerkers hun schouders onder het gezamenlijke verhaal gezet. Die verbondenheid, elkaar (opnieuw) vinden, ondersteunen en versterken bleek een van de grootste troeven. Ze is voelbaar in de dagelijkse samenwerking, in de warme ontmoetingen en in de manier waarop we samen uitdagingen aangaan.

Daarnaast was het een jaar van vernieuwing en verdieping. Nieuwe projecten zagen het licht en brachten dynamiek binnen onze werking. De boeiende studiedag, onder meer rond artificiële intelligentie, nodigt ons uit om met open blik naar de toekomst te kijken en kritisch na te denken over wat dit betekent voor onze organisatie, ons werk en onze cliënten. Thema’s als AI tonen niet alleen technologische vooruitgang maar confronteren ons ook met vragen rond menselijkheid, ethiek en verbinding, waarden die voor ons centraal blijven staan.

Terwijl we vooruitkijken naar 2026 wordt het steeds duidelijker dat de toekomst niet iets is wat ons overkomt maar iets waar we ons actief op moeten voorbereiden. Het is duidelijk, we staan voor uitdagingen. Ons menselijk kapitaal, onze inzet, is hierbij cruciaal maar ook onze infrastructuur vraagt aandacht en doordachte en duurzame antwoorden.

Het is aan ieder van ons om in de veranderende context, met dezelfde warmte en expertise, een aangepast en kwalitatief aanbod te blijven realiseren. Dat kunnen we niet alleen: de samenwerking met onze partners binnen de netwerken SavHA, 1G1P, het forensisch samenwerkingsverband en Yuneco is daarbij onmisbaar en versterkt ons om deze uitdagingen samen aan te gaan.

Geertrui Vernieuwe, Algemeen Directeur

Preventie TAD

Intermediairs binnen onze eigen en andere organisaties worden ondersteund door het preventieteam TAD in hun deskundigheidsontwikkeling en beleidsvorming.

Thema: tabak, alcohol en andere drugs (TAD)

Verschillende sectoren en methodieken

Een paar voorbeelden:

  • coachen van een school bij de ontwikkeling van een drugbeleid

  • een vorming voor leidinggevenden omtrent vaardigheden in het herkennen van en omgaan met alcoholproblematiek

  • ondersteunen van een woonzorgcentrum in het bijsturen van het psychofarmacabeleid

  • advies verlenen aan (collega)hulpverleners bij een cliëntcasus

Netwerkbeurs 2025

Een jaarlijks event georganiseerd door TAD preventiewerking waarbij hulpverleners allerlei organisaties leren.

In 2025 waren 186 deelnemers (voornamelijk hulpverleners).

Cijfers preventie

  • 213 activiteiten in totaal (exclusief intern overleg en voorbereiding)

  • Sector in volgorde van grootte: Gezondheid, Welzijn, Overheid, Onderwijs, Algemene bevolking, Vrije tijd en cultuur, Arbeid, Politie en justitie

  • Soort activiteit in volgorde van grootte: Overleg, Consult/advies, Coaching, Vorming, Vroeginterventie, Andere

  • Onze medewerkers zijn gevormd in en alert voor signalen omtrent suïcidaliteit en hebben de vaardigheden en inbedding om hiermee om te gaan.

    Suïcidepreventie in de vorm van ondersteuning naar intermediairs, wordt in de provincie Vlaams-Brabant opgenomen en gecoördineerd door CGG PassAnt (zie cgg.passant.be).

  • VAD is een kernpartner voor onze TAD-preventiewerking.

    Daarnaast wordt ook vanuit onze koepelorganisatie Zorgnet-Icuro (beleidsmatige) ondersteuning geboden via de Werkgroep Preventie.

    En last but not least leeft onze preventiewerking binnen lokale en bovenlokale netwerken: scholengemeenschappen, werkgeversfederaties, gemeentebesturen, …

Zorg en ondersteuning - Basisdoelgroepen algemeen

Aantal actieve zorgperiodes

  • CGG algemeen: 2.371

  • Kinderen- en jongerenzorg: 503

  • Volwassenen- en ouderenzorg: 1.349

  • Forensische zorg: 519

Aantal aanmeldingen

  • CGG algemeen: 1.391

  • Kinderen- en jongerenzorg: 308

  • Volwassenen- en ouderenzorg: 717

  • Forensische zorg: 366

  • In 2025 werd net zoals andere jaren de nadruk gelegd op het verder verspreiden van kennis en vaardigheden voor het behandelen van cliënten (kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen) met een verstandelijke beperking en bijkomende psychische problemen.

    Deze uitwisseling van expertise vond plaats via diverse vormen en kanalen: therapeutisch aanbod, coaching, intervisie en supervisie, provinciale overlegmomenten, regionale samenwerking, netwerkoverleg, vorming en werkgroepen.

  • Blended werken in de context van hulpverlening is de combinatie van face-to-face contact met digitale tools en online support.

    In 2025 zette CGG Ahasverus sterk in op de verdere verankering en verdieping van online en blended zorg. De nadruk lag op het bestendigen van bestaande digitale tools in de dagelijkse praktijk en op de implementatie van OnlinePsyHulp als centraal platform. Via gerichte teamrondgangen, herhaling van kaders en opleidingen werd het draagvlak bij medewerkers versterkt en het gebruik van blended werken gestimuleerd.

    De implementatie van OnlinePsyHulp vormde een rode draad doorheen het jaar. Medewerkers werden breed opgeleid via basis- en verdiepingssessies, met aandacht voor praktische toepassing, kennisdeling en het bespreekbaar maken van drempels. Daarnaast werd het platform ook experimenteel ingezet als wachtverzachter, met gemengde maar overwegend positieve resultaten: voor een deel van de cliënten bood het een duidelijke meerwaarde, al bleven toegankelijkheid en kwetsbaarheden aandachtspunten.

    Op technisch vlak werd de overstap gemaakt naar Microsoft Teams voor beeldbellen en werden digitale tools en leeromgevingen verder geoptimaliseerd. Evaluaties tonen een stijgende motivatie bij medewerkers en een beperkte maar betekenisvolle toename in het gebruik van online toepassingen.

    Daarnaast zette CGG Ahasverus eerste stappen in het verkennen van artificiële intelligentie, met een nadruk op een voorzichtige, ethisch onderbouwde aanpak en aandacht voor GDPR en cliëntveiligheid.

    Voor 2026 ligt de focus op verdere duurzame verankering van OnlinePsyHulp, met structurele opleidingen, intervisies en uitbreiding van blended aanbod, onder meer tijdens wachttijden. CGG Ahasverus positioneert zich hiermee als een organisatie die niet alleen implementeert maar ook actief verdiept en innoveert binnen blended geestelijke gezondheidszorg.

  • De projectgroep Contextreflex zette in 2025 verder in op kennisdeling en netwerking onder meer via deelname aan de Yuneco Kenniskring.

    Er werden 2 boeiende interne vormingen georganiseerd; één rond omgaan met chronische verontrusting gegeven door een externe spreker van het VK en ook de jaarlijkse ‘Veerkracht in de context’ ging opnieuw door.

    Daarnaast werd ingezet op verdere afstemming met de collega’s van 1G1P en Overkop i.k.v. de KOPP-groepen voor kinderen en met de interne PIMH-werking De Wieg.

  • Het therapeutische aanbod gericht op geweld binnen de gezinscontext werd verder uitgebreid.

    Er werd een agressiegroep opgestart die focust op het leren omgaan met gevoelens van boosheid. Cliënten die instromen via het Veilig Huis hebben vaak nood aan een voortraject rond motivatie en haken soms af voor therapeutisch kan worden gewerkt. Wanneer er toch tot deze fase kan worden overgegaan is er vaak sprake van complexe problematieken en de nood aan langdurige begeleiding.

  • De Wieg biedt klinische begeleiding aan ouders tijdens de zwangerschap of nadien met hun jonge baby (t.e.m. 2 jaar). Naast het klinisch aanbod zet De Wieg ook in op consulten voor (externe) hulpverleners en het delen van PMG/IMH expertise.

    In 2025 zette De Wieg in op kennisdeling en expertise-opbouw rond IMH/PIMH, via een interne studiedag en intervisiemomenten en via nieuwsbrieven en een consultfunctie voor interne en externe hulpverleners.

    Het klinisch aanbod rond ouder-baby en perinatale zorg werd verdergezet binnen zowel De Wieg als de reguliere teams, met een groeiende integratie van PIMH-werking in de bredere organisatie.

    Daarnaast bleef De Wieg actief binnen relevante netwerken en overlegstructuren. Er werd ingezet op het actualiseren van tools zoals de sociale kaart en interne draaiboeken.

    Door tijdelijke verschuiving in inzet (moederschapsbescherming) verschoof de focus deels naar consult en kennisdeling, wat tegelijk de verankering van PIMH-expertise in de reguliere werking versterkte.

Onze basisdoelgroepen (zorg)

Kinderen en jongeren

  • CGG Ahasverus behoudt de doorgedreven, uniforme en efficiënte manier van verwerking van algemene aanmeldingen en instroom.

    We deden dit in 2025 door:

    • kortdurende modules werden opgenomen in de algemene werking of De Schakel

    • uniforme EPD-registratie

    • cliëntportaal

    • wekelijks overkoepelend aanmeldteam

    • toewerken naar verankerd oriëntatiepunt

  • In 2025 zijn binnen de kinderen- en jongerenzorg de leeftijdssubgroepen lagere schoolleeftijd (31%) en middelbare school (53%) het sterkst vertegenwoordigd. Dat is gelijkaardig aan vorige jaren.

    De toename van -5 jarigen die we in 2024 zagen is weer licht gedaald (2025: 6%, 2024: 10%, 2023: 4%).

    18-23 jarigen maken 7% uit van de doelgroep en +24 jaar 3%.

  • De meerderheid van de kinderen en jongeren wordt aangemeld op verwijzing.

    De sectoren Gezondheidszorg (28,5%), Onderwijs (17,8%), Opgroeien (Jongerenwelzijn + Kind & Gezin) (12,4%) en de Diensten Geïntegreerd breed onthaal (GBO - voorheen Welzijn) blijven de belangrijkste verwijskanalen. In 27,2% van de situaties zijn het de jongere zelf of de naaste omgeving (in geval het kinderen betreft) die contact opnemen voor hulp.

  • Een derde van de gezinnen meldt zich aan met psychische klachten (35%), voornamelijk depressie en angst. Binnen de cluster interactieproblemen (15%) scoren ouder-kind emotionele hechtingsproblemen veruit het hoogst.

    Voorts zijn gedragsproblemen (vnl. agressie) (10,3%), verwerkingsproblemen (vnl. trauma en echtscheiding) (10,7%) en ontwikkelingsproblemen (vnl. autisme en aandacht- en concentratieproblemen) (11,7%) eveneens een belangrijke reden om hulp te zoeken.

  • CGG Ahasverus hecht veel belang aan een sterke samenwerking binnen de regio Halle-Vilvoorde om een duurzaam en kwalitatief zorgaanbod voor kinderen en jongeren te verzekeren.

    Dit engagement vertaalt zich in een actieve deelname aan diverse netwerken en overlegplatformen:

    • 1 Gezin 1 Plan Halle-Vilvoorde (1G1P HV)

    • YUNECO

    • Overkop

    • IROJ – Intersectoraal Regionaal Overleg Jeugdhulp

    • Afstemmingsoverleg CGG, CAW, BJB en 1G1P HV

    • IPT – Intersectorale Partnertafel

    • SaVHA?! 

    • PIMH Vlaams-Brabant

    • Overlegstructuren ELZ

    • Stuurgroep crisis

  • De Schakel is een specifiek traject voor jongeren die via YUNECO Connect worden toegeleid naar het CGG

Volwassenen en ouderen

  • De overgrote meerderheid (68%) van de nieuwe cliënten die ons contacteren voor hulp bevindt zich in de leeftijdscategorie 24-59 jaar. Ongeveer één op acht (15%) is tussen 18 en 23 jaar.

    16% zijn ouderen die zich aanmelden voor hulp.

  • 2/3 van de volwassenen en ouderen wordt door een professionele verwijzer aangemeld. Het gaat in 43,8% van de gevallen om een verwijzing vanuit de Gezondheidszorg.

    Binnen de gezondheidszorgsector zijn huisartsen veruit de belangrijkste verwijzers (19,9%).

    Binnen de Diensten Geïntegreerd Breed Onthaal (GBO) (voorheen Welzijnszorgsector) zijn CAW en OCMW de belangrijkste verwijzers.

    Het aandeel personen dat zich op eigen initiatief of op initiatief van de omgeving aanmeldt is stabiel maar blijft aanzienlijk, namelijk één op drie (33,2%).

  • Psychische problemen zijn in meer dan de helft van de gevallen de hoofdreden voor aanmelding (55,9%). Het gaat hierbij in de meerderheid om depressies en angsten. Suïcidepoging/-gedachten staat in 5,5% van de aanmeldingen op de voorgrond.

    Daarnaast vormen verwerkingsproblemen (vnl. trauma en rouw) de belangrijkste redenen voor het zoeken van hulp (16,4%).

    Nog eens 6,4% contacteert het CGG voor hulp bij interactieproblemen allerlei, evenals verslavingsproblemen (8,2%, voornamelijk alcohol).

  • CGG Ahasverus hecht veel belang aan een sterke samenwerking binnen de regio Halle-Vilvoorde om een duurzaam en kwalitatief zorgaanbod voor volwassenen te verzekeren en verder uit te bouwen. Binnen het SaVHA?! netwerk en breder binnen het GGZ landschap is er participatie in de volgende werkgroepen en structuren:

    • Zorginhoudelijke stuurgroep

    • Regiegroep zorgcontinuïteit suïcidepreventie

    • Bestuursorgaan De Raster

    • Regiegroep Conventie ELP

    • Netwerkcomité SaVHA?!

    • Regiegroep Kruispunt

    • Regiegroep HerstelAcademie

    • Lerend netwerk jongvolwassenen Vlaams-Brabant

    • Provinciale Stuurgroep Middelenmisbruik

    • Aansturing HerstelAcademie, Buddy en BuddyPlus

  • Grootste vernieuwingen in 2025 wat betreft de doelgroep ouderen:

    • Nieuwe samenwerking met psychogeriatrie St. Maria Halle, intakes voor het CGG kunnen op de afdeling gebeuren

    • 2 psychologen van het CGG startten i.k.v. het project binnen de externe Werkgroep Ouderen van het SaVHA?!-netwerk met het structureel organiseren van supervisiegroepen aan het personeel van 2 WZC. Zij zijn elk om de 2 weken 3u aanwezig in De Oase (Opwijk) en De groene Linde (St-Genesius-Rode). De eerste evaluatie van deze projecten zijn veelbelovend, er wordt aangegeven dat de zorg naar bewoners en personeel stijgt door deze acties.

  • Naast het begeleiden van de wachttijd groepen ‘Zorg en Kracht’ startte de ervaringsdeskundige ook individuele gesprekken met cliënten op. Vaak was hier het doel de motivatie te verhogen bijvoorbeeld rond groepsaanbod of opname. Soms werden er driegesprekken georganiseerd en sloot ook de therapeut mee aan.

    Verder draagt de ervaringsdeskundige bij aan kwaliteitsontwikkeling, intern bijv. door het geven van input op het ontwikkelde monitoringsinstrument en extern o.a. door participatie aan de werkgroep DENK.

  • 2025 was voor de volwassenenteams het jaar van de ‘Wachtverzachter’.

    Dit zijn groepen die gegeven worden aan cliënten tijdens de wachttijd. In elke reguliere vestiging werd het groepsaanbod ‘Zorg en Kracht’ aangeboden, een samenwerking tussen een therapeut en de ervaringsdeskundige. Op deze manier werden 20 cliënten bereikt. Evaluatie na de groep geeft aan dat cliënten die de groep uitdoen meer gemotiveerd zijn om aan te haken in psychotherapie en een beter zicht hebben op de gewenste behandeldoelen.

  • Kruispunt Halle-Vilvoorde biedt vraagverduidelijking en/of doorverwijzing voor cliënten, hulpverleners, familieleden… die de weg naar de juiste zorg niet vinden. Kruispunt Halle-Vilvoorde helpt cliënten en hulpverleners.

    Per reguliere vestiging sluit een vaste CGG collega wekelijks aan bij de Kruispuntvergaderingen. Binnen dit overleg sluiten ook ELP’s, SPPIT en het CAW aan. Casussen en complexe aanmeldingen worden gezamenlijk besproken wat bijdraagt aan een breed multidisciplinair perspectief.

    In 2025 lag de focus niet alleen op casuïstiek maar ook op elkaar beter leren kennen en het vinden van passende werkvormen om de samenwerking verder te verdiepen.

    Meer informatie vind je hier.

Forensische zorg

  • De leeftijdsgroep min 18-jarigen maakt 24% uit van alle cliënten die begeleid worden door hulpverleners van de forensische teams.

    (Jong) volwassenen maken 72% uit van het cliënteel. Nog eens 4% betreft ouderen (60+).

  • Per apart forensisch zorgteam is het aandeel van rechtstreekse aanmelders respectievelijk 7,4% (I.T.E.R.-jongerenteam), 26,4% (I.T.E.R.-volwassenen- en ouderenteam) en 31,3% (Psychotherapie-BRUG d.i. het team dat ggz binnen de gevangenis brengt). Bij dit laatste team is dit gerelateerd aan het zeer uitdrukkelijk vraaggestuurd werken. Gedetineerden hebben vertrouwen in het CGG-aanbod en nemen vaak rechtstreeks contact.

    Justitie en Politie (18,5% - 47,4% - 59,6%) is veruit de belangrijke verwijzer, gevolgd door de sectoren Welzijnszorg en Gezondheidszorg. Binnen Justitie zijn de Justitiehuizen de belangrijkste verwijzer.

  • Met 82,7% vormen gedragsproblemen veruit de belangrijkste hoofdreden voor aanmelding. Meer specifiek gaat het hierbij in meerderheid om maatschappelijk niet-aanvaard gedrag (delinquentie) (34,6%) en daderschap seksueel geweld (40,8%). Agressie staat in 7,3% van de aanmeldingen centraal.

    In 15,7% van de situaties betreft het aanmeldingen met specifieke modaliteit, in meerderheid hulp in het kader van een juridische maatregel.

  • Stop it Now! biedt laagdrempelige, anonieme en vertrouwelijke telefoon-, chat- en mailhulp aan mensen die zich zorgen maken over hun (seksuele) gevoelens ten aanzien van minderjarigen en hun naasten.

    I.T.E.R. en Stop it Now! werken op verschillende manieren samen:

    • I.T.E.R.-medewerkers springen af en toe bij om de permanentie te waarborgen;

    • I.T.E.R. is opgenomen in de noodprocedure van Stop it Now! vooraleer een externe melding van een risicosituatie gedaan wordt (vb. melding bij het parket of advies bij een Vertrouwenscentrum Kindermishandeling (VK));

    • I.T.E.R. biedt een eenmalig noodconsult voor Stop it Now!-contactnemers die een dringend gesprek nodig hebben.

  • I.T.E.R. biedt een gedifferentieerd aanbod voor diverse doelgroepen, waarbij telkens wordt ingespeeld op hun specifieke noden en mogelijkheden.

    Zo is er een specifiek aanbod voor personen met een verstandelijke beperking. In het volwassenenteam wordt er binnen dit kader samengewerkt met de VAPH-voorzieningen Zonnelied en Hubbie, zowel via individuele begeleiding als via een groepsaanbod. Ook binnen de jongerenwerking bestaat er een specifiek aanbod voor jongeren met een verstandelijke beperking, waarbij er uitdrukkelijk aandacht is voor hun sociaal-emotionele ontwikkeling.

    Daarnaast biedt I.T.E.R. ondersteuning aan jongvolwassenen (16–23 jaar) die geconfronteerd worden met een transitieproblematiek, hierbij bestaat er een samenwerking tussen het volwassenen- en jongerenteam om zo de meest gepaste zorg te kunnen bieden.

  • Yuneco Caro I.T.E.R. wil tegemoetkomen aan de vele vragen vanuit residentiële voorzieningen jeugdhulp naar ondersteuning op het vlak van seksualiteit, seksueel grensoverschrijdend gedrag en verontrustend seksueel gedrag.

    Dit wordt gerealiseerd aan de hand van de ‘Praktijkgids Seksreflex’ ter ondersteuning van residentiële voorzieningen in het omgaan met seksualiteit en grenzen, aanbod van verschillende soorten preventie in voorzieningen (bijv. seksuele voorlichting, veiligheidsmaatregelen, hervalvoorkoming), coaching, consult en vormingen op maat. Binnen dit aanbod is er extra aandacht voor jongeren met verstandelijke beperking en/of sociaal-emotionele achterstand en voor jongeren met een transitieproblematiek.

    CGG Ahasverus heeft twee netwerkprojecten internering lopen die gesubsidieerd worden met federale middelen:

    • Eén werkdag per week gespecialiseerde zorg voor geïnterneerde zedendelinquenten in statuut invrijheidstelling op proef (IOP), wat kan gaan om behandeling, advisering, coaching of familieondersteuning (I.T.E.R.-volwassenenteam);

    • Halftijds netwerk- en familieactivatie voor personen met een interneringsstatuut (Psychotherapie-BRUG).

    Beide projecten zijn ingebed in het SaVHA?!-netwerk (netwerk Geestelijke gezondheidszorg in de regio Halle-Vilvoorde).

    Vanuit het samenwerkingsverband ITER-Zonnelied bestaat het project 'Samen Over Seks', gericht op de thema’s rond seksualiteit en relatievorming (bij personen met een verstandelijke beperking). Dit project wordt laagdrempelig en praktijkgericht vormgegeven, binnen 2 luiken:

    • Individuele ondersteuning aan mensen met (vermoeden van) beperking; dit gebeurt ambulant bij ITER in Brussel

    • Ondersteuning van netwerken rond mensen met (vermoeden van) beperking; dit gebeurt op locatie van de aanvrager (outreach), of kan ook digitaal en telefonisch

Onze activering en ontmoeting

Atelier

De Atelierwerking in de vestigingen Asse en Halle biedt groepsactiviteiten aan volwassenen met een psychische en/of psychiatrische kwetsbaarheid. De inhoud van deze ateliers is zeer divers. Het kan gaan om crea-, kook- , zang- en sportactiviteiten en er worden uitstappen naar culturele of historische hotspots georganiseerd.

De sociale structuur en feedback van de groep vormen een krachtige context waarbinnen deelnemers werken aan hun persoonlijke doelen. Tijdens overlegvergaderingen wordt de inbreng van elke deelnemer gevraagd om het programma voor de komende maanden vast te leggen. De medewerkers van de Atelierwerking hanteren een empowerende en participatieve aanpak, ze laten de invulling van de activiteiten zoveel mogelijk over aan de groep. Vermits het gaat om deelnemers met een psychische kwetsbaarheid kan het zijn dat herval voorkomt. De medewerkers spreken de deelnemer hier dan zo snel mogelijk op aan en gaan samen op zoek naar de op dat moment noodzakelijke ondersteuning.

Cijfers 2025

Er waren 102 unieke deelnemers binnen de Atelierwerking. Zij spendeerden samen 11.168 uren aan activiteiten begeleid door Atelier. Het voorbije jaar meldden zich 52 nieuwe deelnemers aan. Meer dan 50% van de aanmeldingen komen van GGZ partners op de 2de en 3de lijn.

Deze werkingen treffen elkaar 5 keer per jaar tijdens het Activeringsoverleg.

In 2025 werd:

  • door de preventiemedewerkers TAD voor de vrijwilligers een gesmaakte vorming rond ‘Grenzen stellen’ georganiseerd

  • er een gezamenlijk gedragskader opgesteld dat omschrijft welke verwachtingen er leven naar de vrijwilligers om zo samen een aangenaam en veilige werkcontext te creëren. Ook biedt dit duidelijkheid naar wie zich te wenden bij eventuele problemen.

Buddywerking

De buddywerking brengt een vrijwilliger in contact met een persoon met psychische moeilijkheden, ze ontmoeten elkaar voor een babbel of een gezamenlijke activiteit.

Buddywerking Plus is een onderdeel van het project SPPiT+, CAW en CGG Ahasverus onder de koepel van het SaVHA?!-netwerk.

In 2025 werden voor de Buddywerking Vlaams-Brabant West (binnen Buddywerking Vlaanderen) 28 duo’s begeleid vanuit de klassieke één-op-één-methodiek. Er werden dit jaar 22 nieuwe vrijwilligers verwelkomd. 

In het project BuddyPlus konden in 2025 10 nieuwe buddy’s starten, er kwamen 21 aanmeldingen en naast de lopende duo’s uit de voorbije jaren, zijn er op deze manier 8 nieuwe duo’s gevormd.

HerstelAcademie

De HerstelAcademie biedt kortlopende cursussen aan rond mentaal welzijn. Herstelgericht werken staat centraal. De focus ligt op hoop, eigen kracht, eigen mogelijkheden en de toekomst.

De HerstelAcademie richt zich op mensen die actief willen werken aan hun persoonlijke herstel. Daarnaast staat het aanbod open voor iedereen die hieraan wil bijdragen zoals naasten, vrienden, familieleden en (toekomstige) hulpverleners.

De cursus wordt voorbereid en gegeven in een co-creatie door professionals, onder andere van CGG Ahasverus, in samenwerking met een ervaringsdeskundige (vrijwilliger) van de HerstelAcademie. Elke vrijwilliger ondertekent hiertoe een vrijwilligerscontract.

566 deelnemers schreven zich in voor één van de 70 cursussen gegeven in 2025. 16 van deze cursussen zijn nieuw sinds 2025. Dit aanbod situeert zich in ELZ binnen Vlaams Brabant en verder is er ook een partnerschap met het UZ Brussel.

Algemeen Beleid

Personeelscijfers

Totale personeelsinzet: 61,32 VTE

  • Preventie (1,69 VTE; 2,8%)

  • Cliëntenwerking (27,95 VTE; 45,6%)

  • Specifieke werkingen (18,20 VTE; 29,7%)

  • Overhead (13,48 VTE; 22%)

Logistiek infrastructuur

IIn 2025 werd, in nauwe samenwerking met onze collega ICT/ infrastructuur, verder ingezet op het creëren van een aangename en efficiënte werkomgeving. Hierbij lag de focus op het ter beschikking stellen van degelijk en betrouwbaar ICT‑materiaal, zodat medewerkers hun werkzaamheden vlot en comfortabel kunnen uitvoeren.

De zoektocht naar een geschikte en duurzame infrastructuur voor de collega’s in Halle bleef een belangrijk aandachtspunt en vormt nog steeds een lopend traject. Dit dossier vraagt blijvende aandacht en overleg, met het oog op een werkomgeving die zowel functioneel als aangenaam is.

Daarnaast werd, op vraag van de overheid, expliciet stilgestaan bij cyberveiligheid. De studiedag rond artificiële intelligentie (AI) bleek in dit kader bijzonder inspirerend en fungeerde als een belangrijke hefboom om alle medewerkers klaar te maken voor het gebruik van tweestapsverificatie (2MFA). Hiermee werd een concrete stap gezet richting een verhoogd niveau van digitale veiligheid.

Ook richting 2026 blijft deze koers aangehouden. De organisatie blijft verder zoeken naar een geschikte en aangename infrastructuur, gecombineerd met een goed werkende, toekomstgerichte en veilige ICT‑omgeving, als essentieel onderdeel van een kwalitatieve werkomgeving.

CPBW en sociaal overleg

In 2025 bleef het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW) zich actief inzetten voor een sociaal beleid met bijzondere aandacht voor het welzijn van de medewerkers. Er werd expliciet stilgestaan bij de situatie van langdurig zieke medewerkers, met aandacht voor opvolging en zorgzame ondersteuning. Daarnaast werd ook het thema moederschapsrust grondig besproken en onder de loep genomen.

Binnen het sociaal overleg (SO) werd verder werk gemaakt van de uitwerking en verfijning van een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) rond telewerk. Op die manier werd verder gebouwd aan een eigentijds en evenwichtig kader dat zowel de noden van de organisatie als die van de medewerkers respecteert.

Organogram

In de download wordt een organogram van CGG Ahasverus voorgesteld. Deze geeft zicht op hoe de implementatie van processen ter realisering van het beleidsplan verlopen.

Cruciale organen in deze zijn de beide beleidsgroepen, de projectgroepen en werkgroepen, de verschillende (zorg)teams en het directieteam. Vanzelfsprekend vindt dit alles zijn fundering in de bestuursorganen (Bestuursorgaan en Algemene Vergadering) die de kritisch-constructieve spiegel bieden bij beleidsontwikkeling.

In die zin worden deze beide laatste ‘organen’ alsook het directieteam aan de onderzijde van het organogram geplaatst – enigszins ongebruikelijk – vermits ze ondersteunend zijn naar de organisatie in zijn geheel.

In 2026 wordt het organogram geëvalueerd en waar nodig aangepast.

In de kijker

Op 10 en 11 maart 2025 vond de eerste editie van Bootcamp ‘De seksreflex’ plaats. Deze tweedaagse opleiding werd uitgewerkt ter ondersteuning van residentiële voorzieningen in Vlaams-Brabant in het omgaan met seksualiteit en seksueel (grensoverschrijdend) gedrag bij jongeren.

‘De seksreflex’ stelt dat aandacht voor seksualiteit en de seksuele ontwikkeling essentieel is in het werken met kinderen en jongeren. Dit omvat niet alleen het spreken over seksualiteit maar ook het adequaat, (aan)gepast en weloverwogen reageren op seksueel (grensoverschrijdend) gedrag in de voorziening. In dit bootcamp werden 25 deelnemers ondergedompeld in het thema seksualiteit en grenzen, kregen ze concrete handvaten aangereikt om met de seksreflex aan de slag te gaan, werd stilgestaan bij de impact van dit thema op henzelf en het team en was er ruimte voor eigen casussen en vragen.

Door de bewuste keuze voor een beperkte groep deelnemers diende al snel een wachtlijst opgezet te worden om de vraag naar deelname te kunnen bijhouden. Hieruit blijkt hoe sterk de vraag naar (externe) ondersteuning en voortdurende professionalisering aangaande deze thema’s blijft leven. Uit de afgenomen evaluatiebevraging van de deelnemers blijkt dat het bootcamp unaniem als (zeer) waardevol ervaren werd, waarbij de theoretische onderbouwing, het ontwikkelde veiligheidsplan, de aangereikte praktijk-voorbeelden en de ruimte voor eigen vragen als positieve punten geëvalueerd werden. Ook op de vraag of het bootcamp aangeraden zou worden aan anderen antwoordden alle deelnemers positief. Als terechte aandachts- en verbeterpunten werden een verdere verdieping en vertaling naar de praktijk aangehaald, evenals de inzet van meer activerende oefeningen. Deze feedback wordt dan ook meegenomen naar een volgende editie van dit bootcamp.